De overgang

Een onderwerp waar op de werkvloer nog altijd een taboe op rust en juist daarom besteden we er aandacht aan.

Bijna twee miljoen werkende vrouwen in de leeftijdscategorie 40 tot 60 jaar hebben in meer of mindere mate last van de overgang. Toch wordt erop het werk zelden over gesproken. Vrouwen ploeteren stug door en werkgevers hebben er weinig oog voor. Verzuim en uitval liggen op de loer. Toch hoeft het zover niet te komen.

Vroeg of laat komt elke vrouw in de overgang. Nu er veel meer vrouwen werken dan vroeger, moeten werkgevers daar rekening mee gaan houden in hun arbeidsomstandighedenbeleid.

Van de twee miljoen vrouwen heeft 80 procent overgangsklachten en die klachten kunnen consequenties hebben voor hun inzetbaarheid. Geukes et al constateerden in hun onderzoek uit 2012 dat van het ziekteverzuim onder vrouwen tussen de 44 en 60 jaar 34 procent toe te kennen is aan overgangsklachten. Diezelfde Geukes stelde in 2016 vast dat driekwart van de vrouwen die er hulp voor zoeken, een verhoogd risico heeft op toekomstig ziekteverzuim en mogelijk zelfs op vroegtijdige beëindiging van de actieve arbeidsparticipatie.

Dit zijn schrikbarende cijfers. Desondanks is er nog veel onbekend over de relatie tussen werk en overgangsklachten. Veel klachten worden niet als overgangsklachten herkend. Ja, de opvliegers; die kent iedereen wel. Maar denk ook aan oververmoeidheid, stemmingswisselingen, slapeloosheid, vergeetachtigheid en concentratieproblemen. Ze hoeven niet per se met de overgang samen te hangen, maar ze kunnen er wel degelijk door veroorzaakt zijn. En ze kunnen een grote invloed hebben op de prestaties van de vrouwen in kwestie en op hun inzetbaarheid.

Veel werkgevers zijn zich niet bewust van overgangsklachten; ze vinden het ook een lastig onderwerp om te bespreken. Maar toch moet dit onderwerp bespreekbaar zijn, willen we vrouwen behouden voor de arbeidsmarkt en op een duurzame manier kunnen inzetten. Dan kunnen ze hun loopbaan op een goede en gezonde manier beëindigen; gewoon omdat ze met pensioen gaan omdat dat kan en omdat ze het willen!

Maak het bespreekbaar!

Doe als werkgever niet lacherig over dit onderwerp, maar ga er ook niet overspannen mee om. Zorg dat vrouwen zich veilig voelen om er over te praten, zodat ze op tijd aan de bel trekken als het allemaal teveel wordt. Neem in het arbobeleid op welke bedrijfszorg beschikbaar is, maak duidelijk dat die uiteraard ook open staat voor vrouwen met overgangsklachten. Werkneemsters kunnen in gesprek gaan met de eigen leidinggevende, maar zeker ook met de bedrijfsarts (overigens moet dat laatste te allen tijde kunnen; zonder dat de werkgever daar toestemming voor hoeft te geven, moet elke werknemer naar de bedrijfsarts kunnen stappen om zaken te bespreken).

Hogeschool Utrecht publiceerde in 2019 het rapport ‘‘Dit is gewoon wat bij een vrouw hoort!’: Werkende vrouwen in de overgang’.  De onderzoekers doen onder meer vier aanbevelingen:

  1. Maak van regelingen een organisatieverantwoordelijkheid. Een praktische uitwerking hiervan is het aanstellen van een overgangsconsulent;
  2. Bied leidinggevenden kennis aan over de overgang. Daardoor wordt het voor werkneemsters die overgangsklachten ervaren makkelijker om het gesprek hierover aan te gaan;
  3. Bied leidinggevenden handvatten aan om het gesprek over de overgang te kunnen starten;
  4. Maak een kritische analyse van de impact die flexwerken en kantoortuinen hebben op het welbevinden en presteren van medewerkers in het algemeen en werkende vrouwen in de overgang in het bijzonder.

Voor werkgevers en werkneemsters: de overgang is gelukkig maar tijdelijk. De periode gaat voorbij. En als werkgever zal je maar wat blij zijn als je die werkneemster met een schat aan ervaring er doorheen hebt weten te helpen door het doen van enkele aanpassingen.

Bronnen:

KNMvD en strategisch beleidsplan

Dit onderwerp raakt bij uitstek het thema duurzame inzetbaarheid van de dierenarts. Een belangrijk speerpunt van de KNMvD in het huidige strategische beleidsplan.

Risico-inventarisatie en evalutie (RI&E)

Sinds 1994 is het verplicht een actuele Risico-inventarisatie en evaluatie (RI&E) te hebben. Dit volgt uit de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet). Ontbreekt deze RI&E, het plan van aanpak of de toetsing van beide documenten dan kan de Inspectie SZW een boete opleggen.

De RI&E moet aandacht schenken aan de arbeidsomstandigheden, aan fysieke maar ook psychosociale belasting. De RI&E moet kijken naar situaties die zich kunnen voordoen waardoor werknemers ziek kunnen worden. Naast de oorzaken moeten ook maatregelen worden opgenomen om die situaties zoveel mogelijk te voorkomen. Kijk daarbij ook naar de maatregelen die je kunt treffen om te zorgen dat vrouwen in de overgang zo goed mogelijk blijven functioneren, en weten waar ze terecht kunnen om aanpassingen aan de werkzaamheden te bespreken.

Ten behoeve van de uitvoering van de RI&E heeft de KNMvD in samenwerking met Vitaal Ondernemen/Arbode een methodiek opgesteld die dierenartsenpraktijken kunnen toepassen. Deze methodiek heeft als doel het RI&E-proces te vergemakkelijken, zodat dit vlot maar volledig kan worden gerealiseerd.

Je kunt een (basis) RI&E aanvragen door te mailen naar Sandra Sparenburg, juridisch beleidsmedewerker bij de KNMvD, via s.sparenburg@knmvd.nl. Deze aanvraag is gratis voor leden met het ondernemerslidmaatschap van de KNMvD, maar moet nog ingevuld en getoetst worden. Niet-leden betalen voor een (basis)RI&E 1250 euro.

Klik hier voor meer informatie over de RI&E aanvraagprocedure.

Gerelateerde artikelen in deze “Week van de RI&E 2021”:

 

 

Om te kunnen reageren op een bericht dient u ingelogd te zijn.


Inloggen