Alle melkveebedrijven met een IBR-onverdachtstatus die een Veterinaire Eenheid (VE) hebben, kregen afgelopen week van Royal GD een brief over de nieuwe entingsplicht voor IBR die het kabinet vanaf 1 januari 2027 wil laten ingaan. Dit heeft namelijk gevolgen voor het verplaatsen van runderen binnen verschillende locaties van hetzelfde bedrijf.
In de nieuwe situatie krijgt elke locatie (UBN) een eigen IBR-deelname en bewaking. Dit betekent dat vanaf dan voor uitwisseling van runderen tussen locaties van hetzelfde bedrijf aanvullend bloedonderzoek nodig is. Met de invoering van de wettelijke regeling in 2027 vervalt volgens de GD dan ook de mogelijkheid om voor IBR als VE te werken.
Veehouders met een VE en een IBR-onverdachtstatus wordt onder andere aangeraden om hun opties te bespreken met hun dierenarts, bijvoorbeeld om versneld over te gaan van IBR-onverdacht naar IBR-vrij vóór de nieuwe wetgeving ingaat. Zie de brief voor meer details.
Een Veterinaire Eenheid is bedoeld voor bedrijven die op meerdere locaties rundvee huisvesten (op de ene locatie het melkvee en op de andere locatie(s) de overige dieren) en die regelmatig onderling runderen uitwisselen. De runderen op alle locaties binnen de Veterinaire Eenheid worden door GD gezien als één rundveekoppel met gelijke diergezondheidsstatussen voor leptospirose, BVD, IBR, paratbc en salmonella. Dit betekent dat veehouders runderen zonder aanvullend bloedonderzoek kunnen verplaatsen tussen beide locaties.
De nieuwe wetgeving maakt het werken met een VE voor IBR dus straks een stuk lastiger, vanwege de eisen voor aanvullend (bloed)onderzoek voorafgaand aan verplaatsing binnen locaties van hetzelfde bedrijf. Vandaar dat IBR-onverdachte melkveebedrijven met een VE wordt aangeraden om voor het einde van dit jaar actie te ondernemen.
Bron: Royal GD