Een van de moeilijkste onderdelen van de diergeneeskunde, zeker bij gezelschapsdieren, is het ‘onderscheppen’ van een zeldzame diagnose bij veel voorkomende klachten. Natuurlijk zijn de tuchtzaken die een ‘ai ai ai’-gevoel opleveren het ‘leukst’ (om te lezen dan), maar juist de zaken die iedereen hadden kunnen overkomen, en/of de klachten die ongegrond worden verklaard, kunnen enorm bijdragen aan een leven lang leren.
Laten we deze zaak met een gezellige retriever-pup maar eens ontleden. Het hondje komt op een leeftijd van ongeveer drie maanden bij de dierenarts voor de gebruikelijke vaccinaties. Drie weken later wil de pup niet meer eten of drinken, en braakt. Terug naar de dierenarts: algemeen onderzoek, temperatuur van 38,5 graden, soepele buik, maar wel een rare aangetaste tong met zwellingen en rode plekken. De eigenaar zegt dat er reuzenberenklauw in de tuin staat, misschien komt het daardoor? Dat zou kunnen, dus hondje naar huis met Prevomax, Dexamethason en een subcutaan shotje vocht. De hond knapt iets op, maar als de dierenarts zelf een dag later belt om te vragen hoe het gaat, zijn de sloomheid en volledige anorexie terug. Terug naar de praktijk: klinisch onderzoek, bloedonderzoek, Rx (geen afwijkingen), temperatuur 37,8 graden, geen blaren op de tong, maar wel rode plekken. Het BO wijst op nierfalen en de hond is uitgedroogd, dus de dierenarts stelt voor om het dier op de kliniek te laten voor een vochtinfuus, opnieuw Dexadreson en ook Catosal. Het baasje mag de pup de volgende ochtend komen ophalen.
RATTEN?
Zonder puppy loopt baasje die avond door de tuin en ziet daar geen hond maar wel … een rat! En nog een dood exemplaar in het kippenhok. Jakkes. Ze belt meteen de waarnemend dierenarts, die het meteen doorgeeft aan de behandelende praktijk. Heeft de pup last van rattengif? De verschijnselen lijken er niet op – dat staat ook in de patiëntenkaart.
De volgende dag is het hondje niet opgeknapt, zijn de nierwaarden omhooggeschoten en heeft het dier een dikke buik en weinig urineproductie. Aanprikken van de buik levert veel vocht op, wat de dierenarts interpreteert als urine, waarschijnlijk door een gescheurde ureter.
Laat in de middag haalt de eigenaar de pup op en gaat na overleg met de dierenarts naar een tweedelijnskliniek waar opnieuw onderzoek wordt gedaan. Het buikvocht is geen urine en niet septisch; Ddx: leptospirose of paddenstoelenvergiftiging. Infuus, monitoring en medicatie helpen niet langer: de pup wordt zo slecht dat de eigenaren kiezen voor euthanasie, en pathologie. Dat laatste schept duidelijkheid: leptospirose.
Dat leidt tot een tuchtrechtelijke klacht, omdat de eigenaar vindt dat de dierenarts teveel symptomatisch heeft behandeld en geen antibiotica heeft gegeven. Maar kijk even naar de tijdlijn: die is zeer kort. Berenklauw, wel/geen antibiotica, wel/niet ‘aanslaan’ op de rattenmelding, de vraag op welk moment je als dierenarts alles kunt en moet weten en of onderzoek en diagnostiek meer en beter hadden gekund. En dat kan dus gewoon niet. Bij de tuchtrechtelijke vraag gaat het niet om het handelen in retrospectief, maar om het handelen dat op dat moment redelijk is. Wat daarbij eigenlijk het belangrijkst is, is pro-actief handelen, goed monitoren en steeds goed met de eigenaar bespreken wat de opties zijn voor een vervolgstap. Dat heeft de dierenarts gedaan, waarbij ook meetelt dat tussen eerste consult en verwijzing naar tweedelijns maar twee dagen zaten, het hondje is onderzocht en behandeld, en in eerste instantie ook leek op te knappen. Na terugval volgt nader onderzoek en behandeling, zoals ook hier is gebeurd. De vraag is dan niet: is alles optimaal verlopen, of hadden er met de kennis achteraf ook andere keuzes kunnen worden gemaakt, maar is het veterinair handelen retrospectief en met oog op de anamnese, klinische bevindingen en onderzoeken redelijk?
PATHOLOGIE OF PECH?
Dat is het in dit geval en daarmee is de klacht ongegrond. Dat doet niets af aan verdriet en frustratie bij de puppy-eigenaar. Je pup verliezen aan een nare rattenziekte, terwijl je wel had gevaccineerd, is heel verdrietig. Alleen moet de dierenarts niet de schuld krijgen van pech. Hiervan leren, nu ratten het erg goed schijnen te doen? Dat kan natuurlijk altijd.
ECLI:NL:TDIVTC:2019:47