Resultaten ledenraadpleging over bevoegdheden paraveterinairen

In maart 2020 polste de KNMvD via een enquête bij praktijkeigenaren hoe zij aankijken tegen de bevoegdheden van paraveterinairen. Hieronder de analyse van de resultaten (iets later door de coronacrisis).

De enquête is ingevuld door 122 dierenarts ondernemers. Van deze ondernemers is 53% eigenaar van een gezelschapsdierenpraktijk, 1% van een landbouwhuisdierenpraktijk, 4% van een paardenpraktijk, en 42% van een gemengde praktijk.

Op basis van de ledenraadpleging lijkt er binnen de beroepsgroep nog steeds geen specifieke wens te bestaan om bevoegdheden van paraveterinairen in zijn algemeenheid uit te breiden. Een minderheid (41%) geeft aan de bevoegdheden wettelijk te willen uitbreiden. 50% is het eens met de stelling ‘De KNMvD moet bij de evaluatie van de Wet Dieren inzetten op de uitbreiding van de bevoegdheden’. Desondanks lijkt er wel behoefte te zijn aan een aanvullende/verdiepende hogere beroepsopleiding, maar dan niet specifiek met als doel het uitbreiden van de bevoegdheden. Juist wel als het gaat om het kennis- en/of vaardigheidsniveau te verhogen (56% eens).

Het is aan de dierenartsen in welke mate paraveterinairen hun competenties daadwerkelijk kunnen benutten in de praktijk. Dat betekent delegeren, ruimte geven en ondersteunen waar nodig. Alleen bij voldoende draagvlak binnen de beroepsgroep kunnen de kennis en vaardigheden van paraveterinairen tot hun recht komen. De KNMvD blijft daarom betrokken bij ontwikkelingen op dit gebied. Ook komt dit onderwerp terug in het strategisch beleidsplan 2021-2025.

Om te kunnen reageren op een bericht dient u ingelogd te zijn.


Inloggen