Informatie over exoten ook voor praktiserende dierenartsen

 

Archaeopteryx breidt activiteiten uit

Bijzondere diersoorten blijven populair onder huisdiereigenaars. De kennis over verzorging en gezondheid van deze dieren bij dierenartsen blijkt echter onvoldoende. Studentenvereniging Archaeopteryx probeert de leemte te vullen. Het TvD sprak met Sabine Baerts, bestuurslid van Archaeopteryx en onder andere redacteur van het tijdschrift Archaeopteryx veterinaris.

 

De afgestudeerde dierenarts is goed op de hoogte van het basisplan van een dier, vertelt Sabine. “Maar tussen diersoorten zijn grote verschillen op het gebied van voeding, huisvesting en verzorgen. Hierover is wat betreft veel bijzondere dieren bij dierenartsen weinig bekend, terwijl gebreken op deze terreinen vaak wel de oorzaak zijn van veterinaire problemen. Veel dierenartsen weten bijvoorbeeld niet wat een chinchilla of een suikerglijder eigenlijk moet eten.” Ook hoe je dieren moet hanteren kan verschillen. “Een hamster moet je anders oppakken dan een kat. Dierenartsen willen dit nog wel eens vergeten.” Volgens Sabine begint het ermee te weten hoe dieren in de natuur leven. “Van daaruit leer je hoe je het dier moet houden, wat het moet eten. Veel gezondheidsproblemen bij bijzondere dieren komen door het niet goed nabootsen van natuurlijke omstandigheden. Met deze infor- matie kun je als dierenarts aan eigenaars goed uitleggen waarom een dier bijvoorbeeld een bepaald vloeroppervlak nodig heeft, of bijzonder voer.”

KENNISTEKORT

In de opleiding Diergeneeskunde komen bijzondere dieren nauwelijks aan de orde. Sabine: “Ik heb in het kader van de opleiding nooit een cavia gezien. Hoe kun je er dan goed mee omgaan als je er een in je praktijk krijgt?” En die kans is groot want cavia’s en konijnen worden in Nederland net zo veel gehouden als honden en katten. “Het houden van spinnen is in opkomst”, weet Sabine. “Ook reptielen worden steeds populairder. Er is nu gelukkig wel een keuzevak reptielen, maar zelfs in tien weken leer je lang niet alles over deze dieren.”

Eigenaars die met een bijzondere diersoort naar hun dierenarts gaan, worden daarom meestal doorverwezen. “Ik heb zelf luipaardgekko’s gehad”, vertelt Sabine. “Ik moest een uur rijden voor een dierenarts die er iets van afwist en ik woonde in de Randstad.” Is het wel zo klant- vriendelijk een klant steeds uren te laten reizen voor hij veterinaire hulp kan krijgen? “Er zijn ook dierenartsen die bij zo’n klant de moeite nemen in de literatuur te zoeken naar informatie, maar dat is veel werk!”

 

Vereniging

Studentenvereniging Archaeopteryx is volgens Sabine opgericht om studenten al tijdens hun studietijd met bijzondere diersoorten kennis te laten maken. “Hoewel we er primair zijn voor studenten, hebben we veel te bieden voor de dierenartsen in het veld. Veel afgestu- deerde leden blijven daarom hangen.” Archaeopteryx kent werkgroepen, waaronder een werkgroep wildlife, een werkgroep knaagdieren en een werkgroep terrariumdieren. “Die organseren lezingen. De opkomst houdt af van het onderwerp. Meestal zijn er tussen de twintig en vijftig bezoekers.” Verder organiseert Archaeopteryx excursies naar fokkers en dieren- tuinen en worden discussieavonden gehouden. Bijzonder is het tijdschrift Archaeopteryx veterinaris dat vijf maal per jaar verschijnt. Sabine: “De leden van de werkgroepen schrijven bijna wetenschappelijke artikelen over veterinaire aspecten van bijzondere dieren en we plaatsen verslagen van lezingen en activiteiten.” Dierenartsen kunnen het blad ontvangen door lid te worden van Archaeopteryx. “Dan krijgen ze het blad automatisch via de mail. Op aanvraag wordt het blad op papier toegezonden.” Leden kunnen daarnaast met korting deelnemen aan activiteiten en lezingen zijn voor leden gratis. Sabine: “Ons ledenaantal schommelt tussen de zevenhonderd en achthonderd leden.” Voor de toekomst droomt het Archaeopteryxbestuur ervan meer contacten te leggen buiten de faculteit. “We willen bijvoorbeeld meer betekenen voor dierenartsen die bijzondere diersoorten tegenkomen. Een eerste stap is de start van een regelmatig terugkerende column in het TvD.”

 

Positieflijst

De positieflijst geeft aan welke soorten dieren in Nederland gehouden mogen worden. Sabine is niet bang dat het belang van de vereniging Archaeopteryx hiermee zal afnemen. “De interesse in bijzondere dieren zal blijven bestaan. Er zijn eigenaars die het juist leuk vinden veel werk te steken in het houden ervan.”

Mensen willen een huisdier niet alleen om ze te aaien, of voor de sier, maar ook uit interesse in de dieren en de uitdaging ze te houden en te kweken. “Die nieuwsgierigheid laat zich niet zomaar inperken door wetgeving”, denkt Sabine. “Als er een verbod komt op bepaalde soorten, zullen ze mogelijk illegaal worden gehouden.” Archaeopteryx organiseert eens per jaar een informatiemarkt over bijzondere dieren samen met de verschillende belangenverenigingen. “Die zijn soms fel tegen de positieflijst.

Op de markt leggen zij uit hoe je ook soorten die niet op de positieflijst staan, wel goed kunt houden, als je maar de moeite wilt nemen wat extra zorg te verlenen.” Als de positieflijstwetgeving al effect heeft op de vereniging is dat volgens Sabine positief. “Er zijn hierdoor veel meer onderwerpen om over te discussiëren en we kunnen onze kennis delen met een breder publiek. Zo krijgen we regelmatig de vraag om uit te leggen waarom een bepaalde soort niet op de lijst staat, maar een andere soort wel.”

Kijk op: www.archaeopteryx-online.com.

 

Om te kunnen reageren op een bericht dient u ingelogd te zijn.


Inloggen