Nieuwe urinesneltest van toegevoegde waarde?

RapidBac™ Vet is de naam van een nieuwe urinestrip op de Nederlandse markt. De sneltest laat binnen 20 minuten weten of er sprake is van een bacteriurie of niet. Wat is potentieel de toegevoegde waarde van deze test?

Nadeel van de test is dat hij niet vertelt welke bacterie de oorzaak is van de ontsteking en welk antibio-ticum je kan geven. Als je dit wilt weten zul je een bacteriekweek moeten doen.

Positief

Positief is dat de test betrouwbaarder is in het aantonen van een bacteriurie dan de huidige urinestrip. In een Amerikaanse studie op tweehonderd urinesamples van honden bleek dat de test een sensitiviteit had van 97,4 procent (1/38 van de honden met een bacteriële blaasontsteking had ten onrechte een negatief testresultaat) en specificiteit van 98,8 procent (2/162 testen waren ten onrechte positief) (1). Volgens de fabrikant is de test ook te gebruiken bij katten. Een bacteriekweek kan in de kliniek na 24 uur voor het eerst worden afgelezen. Testen terwijl de klant wacht heeft als voordeel dat dit kan leiden tot een lager antibioticumgebruik en daardoor minder resistentie, minder bijwerkingen en minder stress (bij het ingeven van medicatie). Teven met urethracarcinoom en honden met (steriele) blaasstenen worden bijvoorbeeld sneller uitgeselecteerd (mits de urine niet besmet is met bacteriën uit de voorhuid of vagina). Een klant is bij een negatieve test mogelijk ook sneller te overreden om aanvullend onderzoek te laten doen. Een snelle test werkt daarnaast mogelijk drempelverlagend om vaker urineonderzoek te doen bij dieren met een verhoogde kans op bacteriële urineweginfecties (pupd, glucosurie, nierfalen, cushing, et cetera). Ook kan na het afronden van een bacteriekuur gekeken worden of de bacteriurie terug is gekomen. Hierbij moet wel worden aangetekend dat, als de snelle test positief uitvalt, in al deze gevallen een bacteriekweek is aan te raden. Een positieve test sluit predisponerende factoren niet uit. De richtlijn bacteriële urineweginfecties hond en kat (2014) blijft daarom van kracht. Hierin staat dat een bacteriële cystitis bij een gesteriliseerde volwassen teef de eerste keer empirisch behandeld kan worden (met eerste keus antibioticum Trimethoprim-Sulfa).

In alle andere gevallen adviseert de richtlijn verder onderzoek:

  • Als de blaasontsteking binnen een paar dagen niet verdwijnt of binnen zes maanden terugkeert.
  • Als een blaasontsteking gepaard gaat met niet-passende symptomen zoals koorts, pupd, incontinentie, slecht eten, vermageren, niet kunnen plassen, moeite met poepen of afscheiding.
  • Bij een bacteriële blaasontsteking bij jonge en oude dieren, intacte teven, reuen en katten.

De richtlijn volgend, zal in veel gevallen bij de hond een bacteriekweek de voorkeur hebben boven de nieuwe test. Bij katten daarentegen kan de snelle test mogelijk onnodig antibioticagebruik voorkomen. Dit laatste is er uiteraard van afhankelijk of u deze katten op dit moment wel of geen antibiotica voorschrijft.

Literatuur

1. ME Jacob, er al. Diagnostic accuracy of a rapid immunoassay for point-of-care detection of urinary tract infection in dogs. AJVR, 77,2, 2016

Om te kunnen reageren op een bericht dient u ingelogd te zijn.


Inloggen