Rechterlijke uitspraak inzake de voorgenomen veevoermaatregel

Kamerleden Geurts (CDA) en Harbers (VVD) als ook Kamerlid Bisschop (SGP) stellen vragen aan minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over het kort geding met betrekking tot onderbouwing ministeriële voernormen. Zij verwijzen bij vraag 12 resp. vraag 5 naar ons statement.

Dit zijn de vragen van Geurts en Harbers aan minister Schouten:
  1. Klopt het dat de vertegenwoordiger van het ministerie tijdens het kort geding op 30 juli jongstleden, dat was aangespannen met betrekking tot de voernormen, heeft verklaard dat de methode van berekening niet gedocumenteerd is, maar zit in het hoofd van één ambtenaar? Zo ja, wanneer bent u hiervan op de hoogte gesteld?
  2. Klopt het dat de manier waarop het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) de cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Bedrijveninformatienet (BIN) gebruikt heeft voor de berekening die geleid heeft tot de invulling van de voermaatregel niet beschikbaar was tijdens de rechtszaak?
  3. Klopt het dat tijdens het kort geding dan ook niet aangeven kon worden welke gegevens precies zijn gebruikt, en hoe tot de door de u voorgestelde voernormen was gekomen?
  4. Snapt u dat het voor mensen zeer vreemd over komt dat er geen onderbouwing beschikbaar is voor de ministeriële voermaatregel en dat melkveehouders daardoor niet het idee hebben dat ze serieus genomen worden?
  5. Wat zijn de gevolgen wanneer de methodiek niet reproduceerbaar blijkt te zijn,  wanneer vindt het gesprek over het nalopen van de berekening plaats met de partijen die het kort geding hebben aangespannen en kan de Kamer op de hoogte gesteld worden van de uitkomsten van dit gesprek en de berekening ontvangen?
  6. Wat betekent het voor de uitvoering van de motie Geurts/Harbers als de methodiek niet reproduceerbaar blijkt te zijn? 1)
  7. Heeft u kennisgenomen van het feit dat rechter Hoekstra-Van Vliet tijdens het kort geding aangaf “Voor regelgeving is draagvlak belangrijk, dat krijg je alleen door proactief informatie te verstrekken. Dat lijkt me heel verstandig.”? Zo ja, welke acties gaat u ondernemen?
  8. Wilt u alle correspondentie met het Wageningen Economic Research (WEcR) die betrekking heeft op de totstandkoming van de indeling in negen categorieën waarmee het ruw eiwitgehalte in het rantsoen van de diverse typen is vastgesteld de Kamer doen toekomen?
  9. Wilt u alle correspondentie met de Commissie Deskundigen Meststoffenwet (CDM) met betrekking tot analyse en normen voor eiwitgehalte voermaatregel de Kamer doen toekomen?
  10. Hoe heeft u vastgesteld dat de Regeling diervoeders in verband met stikstof algemeen bekend was zoals u aangaf in het Verslag van een Schriftelijk Overleg van 16 juni jongstleden inzake wijziging van de Regeling diervoeders 2012? 2)
  11. Herinnert u zich nog dat u in het verslag aangaf “…dat er geen risico’s mogen ontstaan voor de diergezondheid?
  12. Hoe beoordeelt u het feit dat de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde (KNMvD) niet achter de huidige ministeriële voermaatregel kan staan omdat zij na doorrekening van verschillende scenario’s en op basis van wetenschappelijk inzicht concludeert dat de diergezondheidsrisico’s niet volledig zijn weggenomen? 3)
  13. Wat doet u met het advies van de KNMvD dat het  “Daarbij is het van groot belang dat er overeenstemming is met de melkveesector. Zonder draagvlak zal de uitvoering en de naleving van de maatregel niet succesvol zijn en daarmee ook niet het gewenste effect bereiken.” en hoe gaat u er voor zorgen dat het draagvlak er wel komt?
  14. Kunt u deze vragen één voor één en binnen twee weken en liefst eerder beantwoorden?

Toelichting
Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen van het lid Madlener (PVV), ingezonden 30 juli 2020, vraagnummer 2020Z14440 en het lid Baudet (FvD), ingezonden 30 juli 2020, vraagnummer 2020Z14441

1) Kamerstuk 35 334,  nr. 113

2) Kamerstuk 35 334, nr. 569

3) website KNMvD, 24 juli 2020, ‘Uitkomst van het overleg met LNV over de voermaatregel voor melkvee’,  https://www.knmvd.nl/uitkomst-van-het-overleg-met-lnv-over-de-voermaatregel-voor-melkvee/

4) Boerderij, 30 juli 2020, ‘LNV heeft rekenmethode voermaatregel niet vastgelegd’, https://www.boerderij.nl/Home/Nieuws/2020/7/LNV-heeft-rekenmethode-voermaatregel-niet-vastgelegd-620495E/

Ook Kamerlid Bisschop (SGP) stelde vragen aan de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over de rechterlijke uitspraak inzake de voorgenomen veevoermaatregel.

Dit zijn de vragen van Kamerlid Bisschop (SGP) aan minister Schouten:
  1. Is het u bekend dat de rechter op 30 juli jongstleden geen uitspraak heeft gedaan in het kort geding dat Stichting Stikstofclaim (SSC) en Agrifacts (Staf) tegen het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) heeft aangespannen inzake de onderbouwing van de voermaatregel? 1)
  2. Klopt het dat de data die geleid hebben tot de voorliggende maatregel op dit moment niet beschikbaar zijn?
  3. Realiseert u zich dat de daarop gebaseerde ministeriële regeling tot grote onrust in de agrarische sector heeft geleid?
  4. Deelt u de mening dat gelet op de wettelijke voorwaarde dat de regeling geen significant negatieve gevolgen mag hebben voor diergezondheid en dierenwelzijn de regeling goed en transparant onderbouwd moet zijn en dat dit nu niet het geval is?
  5. Hoe waardeert u de analyse van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde (KNMvD) dat ook na nader overleg met uw ministerie en eventuele flexibilisering van de regeling zij constateert dat er sprake blijft van veterinaire risico’s? 2)
  6. Bent u het eens dat een dergelijke maatregel verifieerbaar moet zijn, zowel door betrokkenen als belangstellende organisaties?
  7. Wat is de oorzaak dat dit in dit geval niet mogelijk blijkt te zijn?
  8. Welke stappen gaat u ondernemen om verificatie door betrokkenen of andere instanties alsnog mogelijk te maken?
  9. Bent u bereid om de invoering van de beoogde voermaatregel uit te stellen totdat belanghebbenden de onderliggende data van deze maatregel hebben kunnen verifiëren?
  10. Bent u bereid om deze vragen, gezien de beoogde ingangstermijn van de betreffende ministeriële regeling, binnen een week te beantwoorden?

Toelichting
Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen van het lid Madlener (PVV), ingezonden 30 juli 2020, vraagnummer 2020Z14440 en het lid Baudet (FvD), ingezonden 30 juli 2020, vraagnummer 2020Z14441 en het lid Geurts (CDA), ingezonden 30 juli 2020, vraagnummer 2020Z14449

1) Website melkvee.nl, 20 juli 2020, ‘Onderbouwing voermaatregel ontbreekt, rechter doet geen uitspraak in kort geding’, https://www.melkvee.nl/artikel/260636-onderbouwing-voermaatregel-ontbreekt-rechter-doet-geen-uitspraak-in-kort-geding/

2) Website KNMvD, 24 juli 2020, ‘Uitkomst van het overleg met LNV over de voermaatregel voor melkvee’,    https://www.knmvd.nl/uitkomst-van-het-overleg-met-lnv-over-de-voermaatregel-voor-melkvee/

 

Om te kunnen reageren op een bericht dient u ingelogd te zijn.


Inloggen