Vertrouwensloket helpt bij voorkomen dierenverwaarlozing

Bij verminderde zorg op een veehouderijbedrijf is er vaak iets aan de hand. Het Vertrouwensloket Welzijn Landbouwhuisdieren helpt veehouders om de zorg voor de dieren weer op de rit te krijgen. Het loket stimuleert erfbetreders zoals dierenartsen om tijdig aan de bel te trekken.

Stijgend aantal meldingen

Het Vertrouwensloket Welzijn Landbouwhuisdieren bestaat al twintig jaar. En het voorziet nog steeds in een behoefte. Sterker nog, het aantal meldingen vertoont de laatste jaren een licht stijgende lijn. Momenteel krijgt het loket per jaar meer dan honderd meldingen binnen. Die meldingen gaan over verwaarlozing van dieren op veehouderijbedrijven. En dat gaat altijd gepaard met problemen die de veehouder heeft, weten de mensen achter het loket. “Als op een boerenbedrijf het dierenwelzijn in geding raakt door verwaarlozing of onvoldoende verzorging, komt dat altijd doordat op het menselijk vlak iets niet goed gaat. Geen enkele veehouder kiest er bewust voor om zijn dieren te kort te doen”, stelt Menno Douma van Projecten LTO Noord. Hij is samen met Thomas Dijkstra van de Gezondheidsdienst voor Dieren (GD) verantwoordelijk voor het dagelijks reilen en zeilen van het vertrouwensloket. Volgens Douma zijn er in elk geval van verminderde zorg voor dieren oorzaken aan te wijzen. “Soms is er sprake van overspannenheid bij de veehouder, of speelt er iets waardoor hij zijn hoofd niet bij het bedrijf heeft zoals een sterfgeval in de familie of een echtscheiding.”

Preventieteam

Als er bij het vertrouwensloket een melding binnenkomt over verminderde zorg voor dieren, gaat een zogenoemd preventieteam bij het bedrijf op bezoek. Een preventieteam bestaat uit twee personen: een dierenarts en een bedrijfseconomisch adviseur. Zij adviseren de veehouder over het verbeteren van de situatie voor de dieren en hoe dat ook in de toekomst zo te houden is. Als duidelijk wordt dat psychosociale problemen een rol spelen en dat er meer hulp nodig is, gaat er een begeleidingsteam op pad. Dit bestaat uit een bedrijfseconomisch adviseur en een maatschappelijk werker. “Zij begeleiden de veehouder en zorgen voor een overdracht naar reguliere hulp- en dienstverlening”, vertelt Douma. “Het is niet de bedoeling dat de preventie- en begeleidingsteams veehouders langdurig begeleiden. We hanteren als richtlijn dat een preventieteam binnen drie maanden klaar is en voor begeleidingsteams is dat een half jaar.” Meldingen die bij het Vertrouwensloket Welzijn Landbouwhuisdieren binnenkomen, hebben betrekking op allerlei typen bedrijven en ondernemers. “Het stereotype beeld dat het vooral gaat om mensenschuwe boeren waar de dieren dik in de stront staan, klopt niet. We komen in allerlei situaties. Soms ook op grote veebedrijven waar ondernemers door omstandigheden vastlopen.”

Erfbetreders

Belangrijk bij het voorkomen van dierenverwaarlozing is het vroegtijdig signaleren dat het niet meer goed loopt op een veehouderijbedrijf. Zogenoemde erfbetreders,de dierenarts, de inseminator, de adviseur van de voerfabriek, de klauwbekapper, de melkrijder, de man van de bank, de loonwerker spelen daarbij een grote rol. Douma constateert dat erfbetreders steeds vaker al in een vroeg stadium het vertrouwensloket weten te vinden. “Het loket is niet alleen een meldpunt maar ook bedoeld voor overleg en het verstrekken van informatie. Door in het voortraject een veehouder al te ondersteunen, kan een erfbetreder helpen voorkomen dat het helemaal fout gaat op een bedrijf.” Het Vertrouwensloket heeft met een 25-tal organisaties van erfbetreders afspraken gemaakt over het signaleren en het voorkomen van verwaarlozing van landbouwhuisdieren. Ook de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde (KNMvD) hoort daarbij. Erwin Hoogland, voorzitter van de Groep Gezondheidszorg Landbouwhuisdieren (GGL) van de KNMvD: “Een melding doen bij het vertrouwensloket is best lastig. Dat komt omdat je als erfbetreder niet alleen een persoonlijk contact hebt met de veehouder in kwestie, maar ook een klantrelatie. Beide wil je niet graag in de waagschaal stellen. Dit leidt ertoe dat erfbetreders vaak vinden dat een collega-erfbetreder in een betere positie verkeert om een melding te doen. Met als gevolg dat een melding niet of te laat gedaan wordt.” Hoogland verwacht dat het maken van afspraken in de stuurgroep van het Vertrouwensloket kan bijdragen aan tijdiger melden. “Dat is nodig, want melden is helpen. Belangrijk is voortdurend aandacht schenken aan het bestaan van het vertrouwensloket. Onbekend maakt onbemind.” Voor dierenartsen geldt in het bijzonder dat ze vanuit hun beroepsmatige achtergrond een verantwoordelijkheid hebben voor wat betreft het signaleren van verminderde zorg voor dieren. “Maar voor dierenartsen geldt hetzelfde als voor andere erfbetreders. Hoe maak je iets bespreekbaar zonder de klantrelatie te schaden?”, aldus Hoogland.

Jeanette van de Ven, voorzitter van het Vertrouwensloket Welzijn Landbouwhuisdieren, erkent het dilemma. Ze vindt dat erfbetreders meer samen moeten optrekken als het welzijn van dieren in het geding dreigt te komen. “Ze moeten als het ware het sociale net rond een veehouderijbedrijf sluiten. Waar het om gaat is dat een veehouder en zijn dieren geholpen worden.”

Om te kunnen reageren op een bericht dient u ingelogd te zijn.


Inloggen