Update: 24 september 2026
De NVWA meldt dat er afgelopen week 48 positief geteste paarden bij gekomen zijn. Het totaal aantal meldingen van paarden met westnijlvirus in 2026 staat nu op 136. De positieve paarden komen uit de provincies Zuid-Holland, Noord-Holland, Utrecht, Gelderland en Noord-Brabant.
EMC / NIOO-KNAW en DHWC melden dat afgelopen week 71 vogels positief zijn getest op het westnijlvirus. In totaal zijn er in 2026 nu 171 vogels met het westnijlvirus gemeld. Van die 171 vogels werden er 61 getest omdat zij dood waren, de 110 andere vogels leefden tijdens het testen. Het overgrote deel van de vogels met westnijlvirus is gevonden in Zuid-Holland (31 dode vogels en 54 levende vogels). Ook in Noord-Brabant en Noord-Holland zijn relatief veel vogels met westnijlvirus gevonden. De andere meldingen kwamen uit Utrecht, Gelderland en Flevoland.
Muggen worden in groepen (‘pools’) getest op het westnijlvirus. Afgelopen week is er één positieve muggenpool gemeld. Dit betekent dat het totaal aantal positieve muggen nu staat op 4: 1 in Gelderland; 1 in Noord-Brabant en 2 in Zuid-Holland.

Voor paardendierenartsen blijft het belangrijk om bij paarden met neurologische verschijnselen WNV mee te nemen in de differentiaaldiagnose, zeker tijdens het muggenseizoen. De KNMvD adviseert dierenartsen om bij een verdenking de geldende meldprocedure van de NVWA te volgen door contact op te nemen met het Landelijk Meldpunt Dierziekten via 045 – 546 31 88.
De eerder beschikbare kosteloze uitsluitingsdiagnostiek via Royal GD is inmiddels beëindigd, omdat het daarvoor beschikbare budget volledig is benut. Onderzoek naar WNV blijft wel beschikbaar bij Royal GD tegen de geldende tarieven.
De actuele situatie en meer informatie over diagnostiek, meldplicht en preventie zijn te vinden in het dossier Westnijlvirus.
Update: 17 september 2026
Het westnijlvirus (WNV) blijft zich in Nederland verspreiden, meldt het RIVM. Sinds de vorige update van het RIVM op 10 september zijn 30 nieuwe besmettingen bij paarden gemeld. Daarmee komt het aantal paarden waarbij in 2026 westnijlvirus is vastgesteld op 88. Ook bij mensen en wilde vogels neemt het aantal bevestigde infecties toe.
Ook bij wilde vogels is het aantal positieve gevallen sterk toegenomen. In de afgelopen week zijn 20 dode en 41 levende wilde vogels positief getest. Daarmee staat het totaal voor 2026 op 100 positief geteste vogels. Opvallend is de relatief hoge sterfte onder kraaiachtigen.
Bij mensen zijn sinds de vorige update tien nieuwe patiënten gemeld. Daarmee staat het aantal mensen dat het virus waarschijnlijk in Nederland opliep op 28. Vier patiënten met een westnijlvirusinfectie zijn inmiddels overleden.
Bij muggen zijn de afgelopen week geen nieuwe positieve monsters gevonden. Het totaal blijft daarmee staan op drie positief geteste muggen.

Update: 10 september
Sinds augustus 2026 zijn er op verschillende plekken in Nederland aanwijzingen gevonden dat het westnijlvirus rondgaat. Deze aanwijzingen komen uit diagnostiek bij mensen en paarden met klachten, wetenschappelijk onderzoek door Sanquin Research en onderzoek bij vogels en gewone huissteekmuggen.
De NVWA heeft sinds de vorige update op 3 september 53 meldingen ontvangen van paarden met het westnijlvirus. Daarmee komt het totaal aantal meldingen in 2026 op 58 paarden. De werkgroep westnijlvirus, met daarin experts vanuit verschillende organisaties, meldt dat afgelopen week 23 dode en 10 levende wilde vogels positief zijn getest op het westnijlvirus. Tot en met 2 september 2026 waren er 6 vogels met westnijlvirus. In totaal zijn er in 2026 nu 39 vogels met het westnijlvirus gemeld. Opvallend is de relatief hoge sterfte onder kraaiachtigen. Sinds de vorige update is er één nieuwe melding van westnijlvirus bij muggen gedaan.
Sinds de vorige update (3 september 2026) zijn er negen nieuwe patiënten met het westnijlvirus gemeld bij het RIVM. Het aantal meldingen van mensen die het westnijlvirus opliepen in Nederland staat hiermee op achttien. Bij een van die mensen werd het westnijlvirus gevonden tijdens een wetenschappelijk onderzoek door Sanquin Research. Bij de andere mensen werd het westnijlvirus vastgesteld nadat zij in het ziekenhuis waren opgenomen met klachten. De patiënten kregen het westnijlvirus na een beet van een besmette mug in de provincies Utrecht, Noord-Brabant, Noord-Holland, Zuid-Holland, Overijssel en Gelderland. In totaal zijn er in 2026 drie patiënten overleden.
Artsen, dierenartsen, virologen, epidemiologen en ecologen werken nauw samen om de ontwikkeling en verspreiding van het westnijlvirus goed te volgen en passende maatregelen te nemen.

Bron: RIVM