Infectieuze Boviene Rhinotracheïtis (IBR) is een besmettelijke virusziekte bij runderen veroorzaakt door een herpesvirus. Symptomen zijn koorts, minder eetlust, rode slijmvliezen en (tijdelijk) minder melkproductie. Een besmet rund blijft het virus dragen en kan andere dieren aansteken.
Het bovine herpesvirus 1 (BoHV1) veroorzaakt, afhankelijk van de infectieroute, IBR, IPV (infectieuze pustuleuze vulvovaginitis) of IBP (infectieuze balanoposthitis). BoHV1 is familie van herpesviridae en subfamilie van alphaherpesvirinae. Er zijn twee subtypen van BoHV1: 1 en 2.
Het virus wordt meestal overgedragen door direct contact tussen een infectieus rund en een gevoelig rund. Ook is verspreiding via onder andere mensen en materialen mogelijk. Daarnaast kan het virus zich via de lucht over korte afstand naar andere runderen verspreiden.
Infectieuze runderen kunnen één tot veertien dagen virus uitscheiden. De ziekteverschijnselen kunnen twee tot zeven dagen na besmetting optreden. Een IBR-circulatie op een bedrijf kan acht tot tien weken duren. Antistoffen tegen glycoproteïne E (gE) van BoHV1 zijn relatief laat aantoonbaar, het kan 3 tot 4 weken na infectie duren voordat ze worden aangetoond. Met het insturen van bloedmonsters dient hiermee rekening te worden gehouden, namelijk door de monsters pas vier weken na optreden van klinische verschijnselen te nemen. Deze gE-ELISA wordt door Royal GD als standaard test gebruikt.
Het virus blijft na de infectie latent aanwezig, met name in de trigeminale ganglia c.q. sacrale ganglia, afhankelijk van de infectieroute. Onder invloed van stress of corticosteroïden kan het virus weer tot replicatie overgaan en opnieuw uitgescheiden worden (reactivatie). Dit proces verloopt doorgaans subklinisch. De virusuitscheiding is minder en korter van duur dan na een primaire infectie. Geïnfecteerd rundvee is op deze manier levenslang potentieel virusuitscheider. Op IBR-positieve bedrijven kan het voorkomen dat gedurende jaren geen viruscirculatie optreedt.
Een IBR-infectie leidt tot een ontsteking van de voorste luchtwegen. Viraemie is meestal niet vast te stellen. De infectie gaat gepaard met immuunsuppressie. Symptomen van een IBR-infectie kunnen zijn: neus- en ooguitvloeiïng, roodheid van de neus, laesies in de neus, koorts, snotteren, plotselinge eetlust- en productiedaling, lusteloosheid, benauwdheid, soms gepaard gaand met snurken. Er kan sterfte optreden. De ongeboren vrucht is zeer gevoelig voor een IBR-infectie met abortus (veelal in de tweede helft van de dracht) als mogelijk gevolg. Pustuleuze ontstekingen aan de vulva of penis treden respectievelijk op bij IPV en IBP. Multisystemische verschijnselen bij jonge kalveren zijn ook beschreven.
De klassieke symptomen van IBR (IPV/IBP) doen zich niet altijd voor. Verspreiding van het virus, waarbij runderen geen of zeer weinig verschijnselen vertonen, komt geregeld voor. De virulentie en het klinische beeld variëren bij de verschillende virusstammen.
Silvio Erkens, Staatssecretaris van LVVN, heeft in een recente kamerbrief een update gegeven over de stappen richting een IBR-vrijstatus voor Nederland. Hieronder valt ook het plan voor verplichte vaccinatie: vanaf 1 januari 2027 moet elk rundveebedrijf verplicht deelnemen aan de bestrijding van IBR.
Er is een aantal fasen waarin de bestrijding van IBR zal verlopen:
Voor vragen over dit onderwerp kun je contact opnemen met Joost van Herten, senior beleidsmedewerker/dierenarts, via j.van.herten@knmvd.nl of 06 – 129 95 344.