In Tijdgeest, het zaterdagmagazine van Trouw, stond ter gelegenheid van Dierendag een ontroerend essay over het beëindigen van het leven van Jimmy. Jimmy is de kat van Janneke Siebelink, die in een persoonlijk verhaal uit de doeken doet wat het met haar deed, beslissen over de dood van je huisdier. Euthanasie is dagelijkse kost in de praktijk; veruit de meeste gezelschapsdieren worden tegen het levenseinde ‘uit hun lijden verlost’. Maar vanzelfsprekend is de handeling nooit. Dieren spelen immers een enorm belangrijke rol in het leven van mensen. ‘Jimmy wist het. Hij wist dat er van hem werd gehouden’, schrijft Siebelink met overtuiging. Zíj́ wist het in elk geval zeker.
Euthanasie geeft ook de dierenarts stress, lees ik in het Tijdschrift voor Diergeneeskunde. Samen met Ellen Deelen spreekt Tim Haverkort over morele stress, veerkracht en lessen voor de praktijk. Euthanasie is technisch niet zo ingewikkeld, maar het begeleiden van de eigenaar wel, zo stelt hij. Volgens Ellen Deelen is het belangrijk deze ervaringen te bespreken om de stap te kunnen maken van morele stress naar morele veerkracht. Als je er niet over praat, blijft er een ‘moreel residu’ achter, dat bij opeenstapeling van onverwerkte ervaringen kan leiden tot compassiemoeheid. ‘Erover praten’ is dus geen ‘theekransje’, maar een voorwaarde voor professionele groei. Het klinkt simpel, maar dat goede gesprek is net zomin vanzelfsprekend als de euthanasie zelf. Het tonen van verdriet, twijfel of angst het verkeerde te doen past niet bij het (zelf)beeld van de deskundige professional. Het kan moeilijk zijn toe te geven dat je het óók niet precies weet. Het gaat immers over leven en dood.
Gelukkig kán het wel. Wanneer dierenartsen zich technisch bekwaam voelen, goed kunnen omgaan met hun eigen emoties, zich gesteund voelen door collega’s en gewaardeerd worden door de eigenaar, kan euthanasie juist enorme professionele voldoening geven. Er zijn zelfs collega’s die de euthanasie tot hogere kunst hebben verheven. Zoals de Canadese dierenarts Céline Leheurteux, de grondlegger van de Euthabag (een speciale body bag voor dieren). Zij geeft lezingen over palliatieve zorg, communicatie, begeleiding van kinderen en ouderen, nazorg én het bewaken van je eigen welzijn. Je kunt het delen van de ongemakkelijke gevoelens rond het levenseinde tot een goede gewoonte maken, zoals ik eerder schreef in een artikel in het Tijdschrift over rituelen rond euthanasie. Maak onderscheid tussen front stage in de spreekkamer, waar je de eigenaar moet bijstaan, en back stage waar je een potje mag janken met een arm om je schouder. Zet gewoon een doos tissues klaar voor dit doel, dan weet iedereen dat dit normale professionele ontlading is. Een pot drop helpt ook.
In het artikel over Jimmy, de kat van Janneke Siebelink, lees ik dat de ogen van de dierenarts groot en donker zijn bij het brengen van het slechte nieuws. Ze volgen de bewegingen van Jimmy ‘als ze reageert op mijn bijna-smeekbede, waarin ik vertel hoe hij de hele nacht bij ons heeft gelegen’. Het respect en de warme empathie zijn voelbaar als de dierenarts de woorden spreekt: ‘vertrouw erop dat je het juiste doet’. Het vervult me met eerbied.
Mogelijk behulpzame informatie bij de beslissing over euthanasie:
https://www.knmvd.nl/nieuwe-beslisondersteuner-voor-euthanasie-bij-gezelschapsdieren/
Morele stress kan zwaar op je drukken. Heb je iets moeilijks meegemaakt in het werk als veterinaire professional? Maak je je zorgen over iemand? Wil je erover praten met een collega? Bel dan het Veterinair Vangnet: 0900-1411. Elke dag tussen 7.00 uur en 24.00 uur, volledig anoniem.