De dierenarts die afstudeerde in 2016, is een andere dan degene die afstudeert in 2026. En dat geldt evengoed voor de dierenarts die zal afstuderen in 2036. Maar ze hebben, naast liefde voor het vak, allemaal één ding gemeen: ze zullen in staat moeten zijn zich voortdurend aan te passen. “De diergeneeskunde verandert continu en de ontwikkelingen gaan steeds sneller. Dierenartsen moeten daar goed mee om kunnen gaan. De basis voor de vaardigheden die daarvoor nodig zijn, wordt tijdens de opleiding gelegd, maar het stopt niet na het afstuderen. Om goede veterinaire zorg te kunnen bieden, is het cruciaal dat dierenartsen zich een leven lang blijven ontwikkelen.” Zo verwoordt prof. dr. Harold Bok zijn visie op ‘life long learning’ voor dierenartsen. De focus van de faculteit Diergeneeskunde ligt daarbij op de opleiding tot dierenarts en de eerste periode daarna.